Wat studenten ons leren over hoop
Hoop bleek kleiner, menselijker, humoristischer.
Oorlogen, klimaatstress, woningnood, prestatiedruk: het is niet niks om in deze tijd jong te zijn. Toch is er altijd iets dat je op de been houdt. Al is het maar de gedachte dat morgen iets beter wordt. We kunnen iets leren van deze generatie. En dus vroegen we onze studenten: wat betekent hoop voor jou?
Niet één antwoord ging over politieke beloftes of ideaalbeelden. Hoop bleek kleiner, menselijker, humoristischer. Het zat in momenten die niet opvallen als je ze niet zoekt.
Dit zeiden ze:
- “Iemand die in je gelooft, ook als jij dat even niet doet.”
- “Denken dat je gezakt bent, en dan tóch een 5,6 zien.”
- “De buschauffeur die nog even wacht terwijl jij aan komt sprinten.”
- “Een lief appje krijgen van iemand van wie je dat nooit had verwacht.”
- “Je salaris dat binnen is vóór het weekend.”
- “Eindelijk snappen wat je al weken niet begreep.”
- “Na drie rondjes toch nog een parkeerplek vinden.”
- “Je favoriete docent terug in je rooster zien staan.”
- “Een vreemde die je zomaar een complimentje geeft.”
In deze uitspraken klinkt iets door wat raakt aan bredere thema’s die wereldwijd aandacht krijgen: mentaal welzijn (SDG 3), ongelijkheid verminderen door elkaar te zien (SDG 10), en werken aan een toekomst waarin iedereen zich kan ontwikkelen (SDG 4).